Hugo

hugo


Mijn naam is Hugo en ik ben Peruaan. Ik kom uit een eenvoudig gezin waar mama en papa hard werkten om ons te onderhouden. Toen ik acht was, werd mijn vader ziek: de financiële situatie van het gezin verslechterde en mijn moeder moest het volle gewicht van het huishouden op zich nemen. Dit leidde tot spanning, wrok, schuldgevoelens en financiële problemen in ons huis. Als kind groeide ik op met een grote teleurstelling in mijn hart en dit gevoel bleef jaren bij mij hangen. 

Toen ik twaalf was, ging mijn vader het huis uit en, zonder de situatie goed te begrijpen, legde ik alle schuld bij mijn moeder. Ik kon niet begrijpen dat het een beslissing van hen beiden kon zijn. Daarom besloot ik bij hem in Huancayo te gaan wonen. 

Maar mijn hart kon de scheiding van mijn ouders niet verwerken en ik wilde niet meer bij een van hen wonen. Dus verbleef ik bij mijn grootmoeder van moederskant. Om mijn ouders te helpen, ving zij me op en zorgde voor me, zoals een bejaarde dat kan doen met een twaalfjarig kind. Zowel mijn vader als mijn moeder probeerden me over te halen om terug bij hen te komen, maar ik weigerde. Diep in mijn hart wilde ik wel terugkeren, maar in mij groeide de opstandigheid, aangewakkerd door de pijn van hun scheiding.

Twee jaar later ging ik dan toch bij mijn moeder wonen. Ik begon te werken.  Met wat geld op zak en steeds rebelser, begon ik de stad Lima vaker te bezoeken. Ik was ongehoorzaam aan mijn ouders door te ontsnappen aan hun controle en ik dreigde weer het huis te verlaten als ze me niet lieten doen wat ik wilde. En zo kwam ik in contact met alcohol, drugs en de verkeerde mensen. 

Door mijn lage zelfbeeld begon ik met opzet foute dingen te doen, om zo een “goede indruk” te maken en gerespecteerd te worden in de groep. Tot op het punt dat ik in de gevangenis belandde: ik heb een jaar in een jeugdgevangenis gezeten. Toen ik uit de gevangenis kwam en de jongens van mijn groep me belden, luisterde ik naar hen en zo belandde ik opnieuw in die vicieuze cirkel.

In die tijd begon mijn moeder spirituele hulp te krijgen van een priester, pater Felipe Scott, die vroeg om me te ontmoeten: hij sprak me over de Cenacolo-gemeenschap en vertelde me dat het een veeleisende en serieuze gemeenschap was. Hij verzekerde me, mijn geval kennende, dat het de ideale plek voor mij zou zijn. Ik was verscheurd: ik wilde het wel en tegelijkertijd wilde ik het niet. 

Cenacolo was toen een jaar aanwezig in Peru met een missie voor kinderen en adolescenten in moeilijkheden. Toen ik daar ging kijken om eens kennis te maken, schrok ik bij het zien van de jongens: ik zag geluk en vrede op hun gezichten. Dat gaf me hoop: ik wilde ook zijn zoals zij.

Ik besloot binnen te gaan in het huis 'São Francisco de Assis' in Jaú, Brazilië, omdat er in Peru geen huis voor volwassenen was. Toen ik daar aankwam, zag ik weer dezelfde ogen, dezelfde vreugde die me in Peru had getroffen. Ik moet bekennen dat ik me voornam om slechts een korte tijd in de Gemeenschap door te brengen, maar toen ik zoveel goeds en zoveel echt leven om me heen zag, bleef ik geleidelijk verder gaan op deze weg. Ik was niet eens gewend om begroet te worden met een "goedemorgen" of dat er iemand om me gaf.

Na negen maanden, tijdens de voorbereidingen voor het Feest van het Leven in de missie "Nossa Senhora da Ternura" in Mogi das Cruzes, nabij San Paolo, ook in Brazilië, voelde ik in mezelf de bevestiging dat Cenacolo mijn weg naar redding was. Doorheen de Gemeenschap kon ik zien hoe groot Gods liefde is. Ik voelde de liefde van een grote familie, ik “ademde” veel Heilige Geest en ik voelde een groot verlangen om te leven, maar bovenal ontmoette ik Moeder Elvira. 

Juist in die dagen ontstond in mij de wens om deze weg echt goed te volgen. Door "ja" te zeggen, begon ik deze weg te gaan met meer wilskracht, vervuld van licht en hoop, en begon ik alle gaven van de Gemeenschap te zien.

Toen kreeg ik het grote geschenk om een nieuwe missie, een nieuw huis "vanaf nul" te openen. En dan nog wel in Peru, in mijn land, en op een speciale plek, in een woestijn. Een huis waar al lang werd naar uitgekeken, een huis om jongeren en mensen die zichzelf verloren in verslavingen, te helpen. 

Het enthousiasme en de wens om iets moois te creëren was sterker dan welke moeilijkheid dan ook; we hebben gewerkt met liefde en opoffering, altijd denkend aan wat Moeder Elvira ons leerde. Zoals zij, in het begin van onze Gemeenschap, wilden ook wij de moeilijkheden overwinnen door ons steeds voor ogen te houden wat het resultaat van onze offers en inspanningen zou zijn: een plek vol leven en hoop voor veel jonge mensen en gezinnen. 

Na verscheidene jaren mijn weg gegaan te zijn, schonk God me het eerste bezoek van mijn familie aan dit huis. Ik kreeg ook de mogelijkheid om een gemeenschapservaring op te doen met mijn vader om zo onze relatie te helen. Het was een tijd van verzoening en genade!

Vandaag dank ik God voor de afgelegde weg. Ik werd gevormd tot een nieuwe persoon. Ik werd een instrument in Zijn handen. Ik ben blij te leven, lief te hebben en te dienen. Ik kan veel jongeren in nood helpen en ik word door hen geholpen om in het licht van het geloof mijn weg te gaan. Ik dank God omdat vandaag ook de woestijn in mij tot bloei is gekomen! Dank, Hugo