SYMONE

Ik heet Symone, ik kom uit Schotland en ben erg blij te mogen getuigen hoe God me heeft bekleed met zijn Barmhartigheid en me heeft laten opstaan uit een leven van duisternis naar het Licht. Ik ben enig kind en ben opgegroeid met m’n moeder die me veel goede waarden heeft bijgebracht. Ze heeft haar uiterste best gedaan om me niks te kort te laten komen, maar haar liefde was niet genoeg voor me.

Ik was een levendig meisje, goed op school en in sport. Ik leek gelukkig, maar de afwezigheid van mijn vader en de teleurstelling die ik tegenover hem voelde heeft me veel pijn gedaan en bracht veel verwarring en onzekerheid met zich mee. Ik voelde me afgewezen door hem en had veel behoefte aan zijn liefde, maar hij slaagde er niet in om me die te laten zien. Ik herinner me nog al de ruzies tussen m’n ouders, ook al leefden ze niet meer samen, en dit deed me nog veel meer pijn. Ik wist niet hoe ik hiermee moest omgaan en dus verstopte ik alles binnen in me.

Toen ik 12 jaar was, kreeg ik meer contact met m’n vader maar ik was bang om hem opnieuw te verliezen. Ik droeg al veel maskers: ik deed me “sterk” voor, alsof niets me raakte, maar in werkelijkheid wilde ik niet zien noch laten zien hoeveel pijn ik van binnen leed.

In de jaren daarna heb ik ontdekt dat m’n vader ook z’n tekortkomingen en zwakheden had en ik dacht dat die belangrijker waren dan mezelf, en daarom heb ik geprobeerd om een beter leven te op te bouwen zodat hij trots op me zou zijn.

Ik begon onafhankelijk te zijn; ik had werk en was erg ambitieus; en zodoende maakte ik carrière. Op 18 jarige leeftijd had ik al alles! Ik dacht alleen maar aan uiterlijkheden: hoeveel ik verdiende, aan de auto die ik had en hoe ik me kleedde, want op die manier voelde ik me geaccepteerd door de anderen. Ik walste over iedereen om me heen om aan de “top” te komen zonder mezelf af te vragen waar ik mee bezig was. Ik heb mezelf ervan overtuigd dat dit mijn leven was, maar wist dat dit in werkelijkheid me niet toebehoorde. Mijn leven was nep en ik voelde me leeg.

Op 15 jarige leeftijd gebruikte ik enkel drugs in het weekend maar later ben ik me alsmaar meer beginnen te drogeren om m’n geweten te verdoven. Op een zeker moment was ik zo uitgeput dat ik alles aan de kant heb gezet en mezelf altijd meer in de drugs heb opgesloten. Hierdoor ben ik alles verloren, inclusief mijn werk. Ik kon mezelf niet meer aankijken in de spiegel want ik herkende mezelf niet meer. Ik weet nog dat ik op een avond naar God geschreeuwd heb, ook al geloofde ik niet, maar ik was niet klaar om Zijn stem te horen. Ik was zo wanhopig dat ik ook geprobeerd heb om mezelf van het leven te beroven. Gelukkig had de Heer andere plannen met me.

Toen m’n ouders ontdekt hadden wat er met gebeurd was, hebben ze me geholpen om mijn weg in de Gemeenschap te beginnen. Ik wist niet wat dat was “een gemeenschap”: ik geloofde niet en ik vloekte, maar meteen toen ik er aankwam, voelde ik dat er “iets” was wat me “bij de hand nam”. Ik voelde me zwak, maar iets gaf me kracht. Nu terugkijkend begrijp ik dat dit Iemand was, de Heer, die me altijd heeft bijgestaan; en dat is de eerste keer geweest dat ik m’n hart geopend heb om zijn aanwezigheid te voelen.

In het begin was het niet makkelijk om de waarheid en het licht te zien in de gezichten van de anderen, het “verbrandde” me, ik was er enerzijds door geschokt maar tegelijkertijd maakte het me ook nieuwsgierig. Eindelijk kon ik me ontdoen van de maskers die ik had, want ik werd geaccepteerd voor wie ik was. Ik voelde me “naakt”: ik wist niet wie ik was en dit heb ik echt moeten ontdekken. Hoewel ik niet in God geloofde, begon ik te bidden en langzaam maar zeker heeft Hij me geholpen om met meer compassie naar m’n wonden te kijken, meer vertrouwen te hebben in mezelf en in de anderen.

Na een paar maanden van innerlijke strijd begon ik een vreugde en een vrede te voelen die ik nog nooit gevoeld had in m’n leven. Ik had nog veel twijfels en dacht dat ik niet goed genoeg was om te verdienen wat God me aan het geven was. Het voelde alsof ik een last binnen in me droeg die me niet toeliet om anderen te vergeven, laat staan mezelf. Nogmaals heeft God me bij de hand genomen en me de juiste weg laten zien: ik heb mijn doopsel en vormsel ontvangen. Op dat moment is m’n leven totaal veranderd. En uiteindelijk ben ik door de biecht bevrijd van m’n lasten en voelde ik me belangrijk voor iemand, maar dit keer was dat God.

Ook vandaag vecht ik nog steeds want het is niet makkelijk om te veranderen, er zijn nog altijd maskers, maar ik ga vol wilskracht deze weg en wil echt zijn tot in de diepte. Ik dank m’n zussen voor het voorbeeld dat ze me gegeven hebben en Moeder Elvira voor haar lessen, want ik heb geleerd dat m’n leven een geschenk is en dat ik alles, met andere woorden wat ik van God ontvang, aan de anderen moet geven om gelukkig te zijn. Ik wil een serene en zekere vrouw zijn die boven alles weet lief te hebben. Symone