Sandro

sandro


Hallo!! Mijn naam is Sandro, ik ben negenendertig jaar en vandaag ben ik blij dat ik leef!

Ik groeide op in een enorm verdeeld gezin: mijn moeder en vader waren het vaak oneens met elkaar, en al sinds mijn kindertijd waren hun ruzies gewelddadig. Ik zat midden dit alles en begreep niet wat er gebeurde. Vooral omdat het enkele uren later leek of er geen vuiltje aan de lucht was, de ruzie was verleden tijd maar er heerste een valse kalmte. Ik kan me niet herinneren dat ik mijn ouders ooit vergiffenis heb zien vragen aan elkaar, dat ze zich verzoend hebben of elkaar omhelsden. Ik groeide op met veel boosheid en angst.

Studeren is nooit mijn sterkste kant geweest en ook op sociaal vlak wist ik niet hoe me te gedragen tegenover andere kinderen. In de pubertijd ontdekte ik de waarheid over mijn ouders, de waarheid die ik eigenlijk al kende: het dubbelleven, het verraad van mijn vader en zijn afwezigheid.

Dus ik zocht mijn toevlucht in een eigen wereld; reeds als kleine jongen stal ik uit mijn vaders en mijn moeders portemonnee, denkend dat ze me dit verschuldigd waren. Later, toen ik begon te werken, wilde ik alles meteen: geld, vrijheid, macht ... Ik probeerde er alles aan te doen om gezien te worden door mijn vader, dat er rekening met me gehouden zou worden,  maar ik stak mezelf alleen in problemen.

Mijn ouders scheidden toen ik achttien was en ik dacht: "Eindelijk!" Het leek me het einde van een beproeving, maar innerlijk leed ik hier veel door, alsof ik het niet wilde geloven en accepteren. Het daarop volgende jaar werd een opeenvolging van keuzes die gemaakt werden vanuit trots en woede: ik deed wat ik wilde en wanneer ik wilde.

Ik had een passie voor motoren en races, en in die omgeving, bestaande uit nachtelijke en clandestiene races, kwam ik de drugs tegen. Ik stortte me in die wereld van “rave party’s” en snelheid en daar verbrandde ik gedurende enkele jaren mijn hart, martelde en verwondde het heel diep. Ik sprak enkel met God wanneer ik boos was op Hem, ik gaf Hem de schuld voor alles. Toen ik tweeëntwintig was, stierf er iemand die me heel dierbaar was, ik sloot me volledig af van God en de drugs werden mijn toevlucht.

Ik viel alsmaar lager, werd gearresteerd en toen ik dacht dat het voorbij was, klopte God aan de deur van mijn hart. Mijn moeder, teruggekeerd uit Medjugorje, vertelde me over de Gemeenschap. Ik ging naar de intakegesprekken en zei tegen mezelf: "Ik ga het proberen!". De ogen van de jongens met wie ik sprak, zo vol leven, maakten me nieuwsgierig, en dit gaf me de nodige kracht om naar de Gemeenschap te gaan.

Vanaf de eerste dag had ik het gevoel thuis te zijn; slechts twee uur na mijn aankomst in de Gemeenschap werd het Kroontje van de Barmhartigheid gebeden, en voor het eerst knielde ik neer en huilde ik ... ik huilde enorm! Het voelde zo bevrijdend om te huilen! Gedaan met maskers, onwaarheden en leugens.

Ik heb het geschenk gehad om in twee "Mariale" fraterniteiten te wonen, in Loreto en Fatima, maar vooral in Fatima voelde ik de grote nabijheid van Onze Lieve Vrouw in momenten van beproeving waarin ik ervoor koos om nee te zeggen tegen het kwaad. Ik leerde om opnieuw op te staan en op te houden​​ met huilen om wat ik niet had. Ik voelde heel sterk in mijn hart dat ik echt moest leren vergeven, wilde ik gelukkig zijn.

Op een dag, het was 13 oktober 2015, bevond ik me voor het Kapelletje van de Verschijningen, voor het beeld van Onze Lieve Vrouw, en terwijl ik aan het bidden was, zag ik een kind dat naast mij neerknielde om te bidden. Op dat moment zag ik mijn vader toen hij een kind was, zag ik zijn lijden en - ik weet niet hoe het gebeurde - maar in één ogenblik besefte ik dat mijn verleden een zegen voor anderen moest worden. Daar heb ik mezelf en mijn vader vergeven en heb ik mijn verleden met grote vrede in mijn hart omarmd.

Deze ontmoeting doet me nu elke dag vol vreugde en hoop beleven. Me ervan bewust zijnde dat mijn missie in de Gemeenschap de volgende is: echte vriendschap beleven. Ik voel een verlangen naar vaderschap en liefde voor anderen, waardoor in mij ook het verlangen groeit om, als God het wil, op een dag een echtgenoot en vader te zijn.

Ik dank mijn hemelse beschermengel tot wie ik elke dag bid, Onze Lieve Vrouw en Moeder Elvira, want in de Gemeenschap Cenacolo ontvang ik die liefdevolle omhelzing die me met vertrouwen op weg laat gaan om te ontdekken wat God elke dag voorbereidt voor mij. Dankjewel! Sandro